De uitgangssituatie
We nemen een veelvoorkomend geval: je hebt nog een flink renteverschil en een aantal jaren rentevast te gaan.
- Openstaande schuld: € 200.000
- Contractrente: 4,0%
- Resterende rentevastperiode: 5 jaar
- Actuele vergelijkingsrente (5 jaar): 2,0%
- Jaarlijkse boetevrije ruimte: 10% van de oorspronkelijke hoofdsom
Stap 1 — boetegrondslag
Eerst halen we de boetevrije ruimte van de schuld af. 10% van € 200.000 is € 20.000. De boetegrondslag is dan € 200.000 − € 20.000 = € 180.000.
Stap 2 — renteverschil per jaar
Het renteverschil is 4,0% − 2,0% = 2,0 procentpunt. Over de boetegrondslag is dat 2,0% × € 180.000 = € 3.600 per jaar aan gemiste rente voor de bank.
Stap 3 — over de resterende periode
Er zijn nog 5 jaar te gaan: 5 × € 3.600 = € 18.000 bruto. Dit is het maximum vóór correcties.
Stap 4 — contant maken
De bank mag alleen het werkelijke nadeel rekenen. Twee correcties verlagen het bedrag: je schuld daalt elk jaar door aflossing, en toekomstige bedragen worden teruggerekend naar de huidige waarde (verdiscontering). Na die correcties komt de boete uit op ongeveer € 16.000 tot € 17.000 — indicatief.
Indicatieve berekening volgens de AFM-methode. De definitieve boeterente stelt je geldverstrekker vast; die krijg je bij de notaris. Reken je eigen situatie door met de boeterentecalculator.
Meer scenario's naast elkaar
| Schuld | Renteverschil | Resterend | Boete (indicatief) |
|---|---|---|---|
| € 200.000 | 2,0% | 5 jaar | € 16.000–17.000 |
| € 250.000 | 1,0% | 5 jaar | € 10.000–12.000 |
| € 150.000 | 0,5% | 3 jaar | € 1.800–2.200 |
En de terugverdientijd?
Stel dat je in het eerste scenario door het lagere tarief € 280 per maand bespaart. Dan verdien je een boete van € 16.500 terug in circa 59 maanden (€ 16.500 ÷ € 280). Houd er rekening mee dat de boete grotendeels fiscaal aftrekbaar is, wat de netto terugverdientijd flink verkort.